headerlogo2

Dit artikel is overgenomen uit Verwachting nr.65 december 2012. Een uitgave van de stichting De Heraut. Zie ook www.stichtingdeheraut.nl

 De vrouwelijke mystici

Afgelopen september (2012 red) hield ik een themadag over de vrouwelijke mystici. De voorbereiding van dit thema was ook voor mijzelf een ontdekkingsreis. Zo werd het mij bijvoorbeeld duidelijk dat de vele vrouwelijke mystici die vanaf de twaalfde eeuw opstonden en als zelfbewuste vrouwen hun weg gingen, in feite de weg hebben gebaand voor de mannelijke mystici. De vrouwelijke mystici (en niet de mannen) staan aan de basis van de grote mystieke beweging die vanaf de twaalfde eeuw op gang kwam! Lang hebben we bij de term mystici vooral aan mannen gedacht: aan Tauler, Eckehart en Suso (of Seuse) uit Duitsland bijvoorbeeld, Johannes van het Kruis uit Spanje, of aan Jan van Ruusbroec uit Vlaanderen. Natuurlijk waren er ook wel beroemde vrouwelijke mystici, maar de mannen waren op dit gebied toch vooral toonaangevend, dachten we...

Tegenwoordig komen we meer en meer tot het inzicht dat vele mannelijke mystici ─ met name voor wat betreft de mystieke ervaringen ─ voortgebouwd hebben op het werk van de vrouwelijke mystici. Denk bijvoorbeeld aan Hildegard von Bingen (de Sybille van de Rijn) uit Duitsland, Theresia van Avila uit Spanje, Catharina van Siena uit Italië of Suster Bertken uit Utrecht. De vrouwen vormden met hun mystieke ervaringen de basis van het stelsel van mystieke inzichten dat de mannen 10 st-teresa-of-avila.jpgvervolgens opbouwden. Maar eeuwenlang stonden vooral de mannelijke mystici in de aandacht ─ en werden de vrouwelijke mystici al te vaak gezien als ondergeschikt aan het mannelijke denken…
Het is toch wel heel veelzeggend dat we de geschiedenis steeds weer op allerlei punten moeten herzien, omdat het mannelijke denken en de mannelijke invalshoek ook onze kijk op de geschiedenis zo sterk bepaald hebben! (Natuurlijk is bovenstaande indeling ietwat ongenuanceerd en dus een beetje zwart-wit denken. Er zijn immers ook mannen die een bepaalde vorm van gevoelsmystiek of lijdensmystiek in hun leven centraal stelden, en ook wel vrouwen die vooral op wezensmystiek gericht waren. Maar in grote lijnen mag het naar mijn mening toch zo gezegd worden. Zo wordt bijvoorbeeld verteld dat van de 321 ’lijdensmystici’ uit de katholieke geschiedenis er maar liefst 274 vrouw waren, ofwel 85 procent.)

Ervaring tegenover denken

Als je een ruwe indeling wilt maken, kun je zeggen dat de vrouwelijke mystiek sterk op de ervaring was (en is) gericht en de mannelijke mystiek meer op het denken.
Vandaar dat de verschillende vormen van (overwegend) vrouwelijke mystiek vaak met gevoel en beleving te maken hebben: gevoelsmystiek (ook wel stemmingsmystiek genoemd), bruidsmystiek, lijdensmystiek en natuurmystiek.
- In de lijdensmystiek deelt de mystica in het lijden van Christus. Zo bindt ze bijvoorbeeld ijzerdraad met weerhaken (een soort prikkeldraad) om haar borst en haar rug en slaapt ook in dat pijnlijke harnas, met vele verwondingen en heftige pijnen als gevolg.
- In de bruidsmystiek zoekt de mystica de eenwording van haar ziel met Christus of met God. Zo ervaart Hadewijch in een visioen de eenwording van haar ziel met Christus op deze manier: Daarna kwam Hij zelf tot mij. Hij nam me geheel en al in de armen en drukte me tegen zich aan. En al mijn leden voelden de zijne, zoveel het Hem lustte en gelijk mijn hart en mijn menszijn begeerden. Terzijde: de bruidsmystiek kan dus voelbaar worden tot in het lichaam, iets dat in die tijd veel vanzelfsprekender was dan nu. Nu wordt zo’n opmerking als die van Hadewijch helaas vaak op een platvloerse manier uitgelegd. Maar als een bepaalde ervaring tot in het fysieke lichaam doorwerkt, laat dat ‘alleen maar’ zien hoe diep die ervaring iemand geraakt heeft. Zo is ziekte dikwijls een voorbeeld van negatieve ervaringen die tot in het fysieke lichaam doorwerken.
De mannelijke mystiek wordt wel speculatieve mystiek genoemd die gericht is op filosofische en theologische inzichten. Ook spreken we wel over de wezensmystiek: daarin staan de stilte en het loslaten centraal, zodat de mens in de stilte kan ervaren dat hij een instrument van God is en Hij vanbinnen de stem van God kan horen.

Mystici en de dood

De dood roept bij de mystici geen angst op, integendeel: zij kennen een diep verlangen naar het moment waarop zij de geestelijke wereld mogen binnengaan. Zo zegt Theresia van Lisieux: Ik sterf niet, ik ga het leven binnen. En op haar zelfgemaakte bidprentje staat:
Ik zie wat ik heb geloofd.
Ik bezit wat ik gehoopt heb.
Ik ben verenigd met Hem die ik met heelmijn liefdeskracht heb liefgehad.
Vandaar dat de meeste mystici in alle rust en bij vol bewustzijn de laatste stap tot over de drempel van de dood zetten. Toen Hildegard von Bingen in vol bewustzijn stierf en vol vreugde de geestelijke wereld binnenging, straalde er boven de kluis waar ze leefde een cirkel van licht, schitterend als de zon. Dit licht zette niet alleen de kluis, maar ook het klooster op de Rupertsberg (bij Rüdesheim) dat vlakbij haar kluis lag, in het licht. Het doofde pas, toen Hildegard gestorven was.

Vrouwelijke mystici: de eerste emancipatiegolf

Meestal wordt gezegd dat de emancipatie van vrouwen begon met de eerste grote emancipatiegolf tussen 1890 en 1920. Dat waren de jaren waarin Aletta Jacobs de eerste vrouwelijke student in Nederland werd en later ook de eerste vrouwelijke arts. Het waren ook de jaren waarin de vrouwen in 1917 passief kiesrecht kregen: ze mochten gekozen worden in de Tweede Kamer – en dus was Suze Groenweg de eerste vrouw in de Tweede Kamer (voor de SDAP, de latere PvdA). Vijf jaar later, in 1922, kregen de vrouwen ook actief kiesrecht en mochten vanaf dat moment ook zelf een keuze maken in het stemhokje. Maar wie terugkijkt, die ziet hoe de vrouwenemancipatie in Europa in wezen al begon met de vrouwelijke mystici die vanaf de twaalfde eeuw opstonden en zelfbewust een eigen weg gingen. Door niet te trouwen behielden ze de zeggenschap over zichzelf en het eigen leven: als ze trouwden moesten ze immers volledig gehoorzaam zijn aan de man. De man had recht op alles wat van zijn vrouw was: zij was zijn eigendom, inclusief haar bezittingen. Ook kon de vrouw niet zelf beslissen over de erfenissen die haar toevielen: ook die werden het eigendom van haar man. Om een eigen leven te kunnen leiden, was het maar beter ongetrouwd te blijven en ook maar beter om dan een religieus leven te leiden. Het was in die tijd immers heel moeilijk, ja, in wezen onmogelijk om als ongetrouwde vrouw door het leven te gaan. En dus werden de meeste vrouwen die niet wilden trouwen, kloosterlinge en religieuze. Als kloosterlinge waren ze echter weer ondergeschikt aan de abdis en aan hun biechtvader. Bovendien moesten ze als religieuze gehoorzaam zijn aan de strenge kerkelijke regels en dogma´s. Alleen mystici die visioenen kregen, waren (wat hun opvattingen en ideeën betreft) niet onderworpen aan het gezag dat boven hen stond: visioenen werden beschouwd als komend van de goddelijke Geest zelf en stonden dus niet onder de tucht van het kerkelijk leergezag.
Zo kwam het dat de vrouwelijke mystici een inspirerend voorbeeld werden voor andere vrouwen, omdat zij het recht (of het onbetwiste gezag) hadden verworven om over het eigen leven te beslissen. Ze werden dikwijls vrouwen met een groot (internationaal) gezag en werden bijvoorbeeld adviseuse van koningen, keizers en pausen. Verschillende koningen maakten een tocht naar een van deze religieuze vrouwen om hun raad en advies te krijgen.
Wie terugkijkt, ziet hoe bijzonder het was dat vrouwen in die tijd zo’n aanzien en zelfstandigheid wisten te verwerven. En dat in een tijd dat de vrouw dikwijls niet meer was dan de voetveeg van de man: ondergeschikt, en ook minder waard dan een man… Wonderlijk en veelzeggend voor de taaiheid van deze traditie is het, dat het tot omstreeks 1900 heeft moeten duren, voordat dit voorbeeld van de vrouwelijke mystici in brede kringen navolging begon te vinden en de emancipatie van de vrouw eindelijk écht op gang begon te komen.

De jonge moslima’s van nu

Of wij ons dat nu bewust zijn of niet, de vrouwelijke mystici zijn van grote betekenis geweest voor de emancipatie van de vrouwen. Zij waren een hoopgevend voorbeeld, inspireerden door de innerlijke kracht waarmee zij hun weg gingen en gaven moed. Ook lieten zij zien dat het onmogelijke waar kon worden: het ideaal van zelfbewuste vrouwen die gelijke rechten als de mannen bezaten en optimaal van die rechten gebruik wisten te maken.
Het boeiende is dat wij binnen de Islam op dit moment een zelfde ontwikkeling zien. In Marokko en Nederland sms’en jonge moslima’s elkaar om teksten van vrouwelijke Soefi-heiligen door te geven. Het Soefisme is een mystieke traditie in de Islam. Een traditie met een groots verleden die het op dit moment echter moeilijk heeft, omdat fundamentalistische stromingen binnen de Islam het Soefisme bestrijden. In 11 Rabia al Adawiyyahet Soefisme zijn ook vrouwelijke mystici bekend. Zo bijvoorbeeld de mystica Rabi’a al- Adawiyya. Zij leefde omstreeks 750 na Christus in Basra, in Irak. Van haar levensgang is dit bekend: Rabi’a werd geboren in een eenvoudig gezin. Toen ze nog jong was, werd Basra overvallen door rovers die Rabi’a meenamen en als slavin verkochten. Overdag moest ze hard werken, maar de nacht gebruikte ze vooral om te bidden. Haar meester hoorde haar op een nacht bidden. Hij zag daarbij een stralend licht om haar heen en was zo onder de indruk dat hij haar vroeg met hem te trouwen. Dat wilde ze echter niet; in de plaats daarvan vroeg ze hem om haar vrijheid. Die kreeg ze. Toen werd ze asceet in de woestijn. Ze bezat alleen een gebroken waterkruik, een rieten mat en een baksteen (als hoofdkussen). Al snel verwierf ze een groot aanzien en kreeg vele huwelijksaanzoeken, maar die weigerde ze allemaal. Rabi’a was de eerste die zei dat je God moest liefhebben om Hem zelf, en niet uit angst voor de hel. Een bekend gebed van haar luidt dan ook:
O God, als ik U aanbid uit angst voor de hel, laat mij branden in de hel.
En als ik U aanbid in de hoop op het Paradijs, sluit mij buiten het Paradijs.
Maar ik aanbid U om wie U bent.
Ze zag emoties als angst en hoop als sluiers die ons in de weg staan om een te worden met God. Toen ze meer dan tachtig jaar oud was, stierf ze op de Olijfberg in Jeruzalem, terwijl ze haar leerlingen vertelde: God is altijd bij mij.(Terzijde: mij liet dit voorbeeld ook weer de grote betekenis van Jeruzalem voor de Islam zien). Het zijn de teksten van Rabi’a en andere vrouwelijke mystici uit de Islam die jonge moslima’s elkaar ter bemoediging en inspiratie sms’en.

Emancipatie via de weg van het geloof

Veel Nederlanders denken dat de emancipatie van moslima’s pas echt mogelijk wordt als ze zich innerlijk losmaken van hun religie. Pas dan, zo denken velen, krijgen ze de kans om vrije, zelfbewuste vrouwen te worden die in vrijheid over het eigen leven beslissen.
De moslima’s zelf denken daar anders over. Ze willen hun emancipatie juist via de weg van het geloof veroveren. Maar dan wel via een weg van verdieping van hun geloof, zodat ze de essentie van het geloof op het spoor komen. Alleen zo kan een mens echt vrij worden, denken zij, zonder de band met God te verliezen. Bij dat proces zijn de vrouwelijke mystici uit hun eigen religie hun gids. Het is daarom dat ze elkaar de teksten van deze heiligen toesturen. Boeiend daarbij is de vaststelling dat ze in wezen dezelfde weg gaan die westerse vrouwen ooit gegaan zijn. De vrouwelijke mystici in Europa vormden immers, zoals we eerder al zagen, de eerste emancipatiegolf.
Willen we moslima’s helpen bij hun ontwikkeling, dan kan dat door van hun mystieke traditie kennis te nemen en de teksten te lezen die moslima’s elkaar toesturen. We mogen hen niet hun geloof afnemen en zeggen dat ze alleen dan geëmancipeerde vrouwen kunnen worden. Integendeel: we mogen hen bijstaan op hun eigen manier, via de weg van het geloof – en dus via de inspiratie die van de vrouwelijke Islamitische mystici uitgaat – de emancipatie te bereiken. Daarbij mogen we ons realiseren, hoeveel inspiratie er in het verleden uitging van christelijke vrouwelijke mystici. Het lijkt erop dat dit proces zich op een nieuwe manier herhaalt en dat de vrouwelijke mystici uit de Islam een bijzondere inspiratiebron zijn en worden voor de jonge moslima’s van deze tijd.

Naar het begin van dit artikel