headerlogo2

artikel is overgenomen uit Verwachting nr. 63 2012 Een uitgave van de stichting De Heraut. Zie ook www.stichtingdeheraut.nl

De ontmoeting met Christus

Toen Johannes, de lievelingsleerling van Jezus Christus, zesennegentig jaar oud was, werd hij door de Romeinen zes maanden lang gevangen gehouden in een grot op het Griekse eiland Patmos.

Door een gat in de rotswand kon hij uitkijken over het water van de Egeïsche zee; bij helder weer zag hij aan de overkant van het water de kust van Klein- Azië (het huidige Turkije), waar Efeze lag. Daar, in die stad, woonden zijn kinderen, zoals hij zijn volgelingen en medechristenen noemde. Vooral ´s zondagsmorgens keek hij vol verlangen uit over het water: hij wist immers dat zijn kinderen op dat moment daar, in Efeze, bij elkaar waren voor de zondagse eredienst.
Op zo’n zondagmorgen – toen hij zich in de geest verbonden wist met zijn kinderen – gebeurde het op een keer dat hij volkomen onverwacht een uittreding kreeg. Nadat hij zijn lichaam had losgelaten en was opgetrokken tot in de geestelijke wereld, mocht hij daar zijn grote liefde Christus (helderziend) ontmoeten. Een stralend, troostend, verwarmend en goddelijk licht ging van hem uit: een en al licht was Christus. 19 joh_patmos_grt.jpgVoor Johannes was deze plotselinge ontmoeting met Christus een onvoorstelbaar groots gebeuren dat een diepe indruk op hem maakte. Zo lang al – en wel sinds zijn drieëndertigste jaar – had hij ernaar verlangd om zich weer te mogen koesteren in de troostende warmte en de inspirerende liefde die van Jezus Christus uitgingen. En nu, na zesenzestig jaar, werd dat verlangen zo onverwacht vervuld.
Vol eerbied kijkt Johannes op naar Christus. En zonder dat er iets gezegd wordt weet hij: zo, zoals de Christus die nu voor hem staat, als een stralend wezen vol lichtkracht, zo zal ooit, in de verre, verre toekomst ook de mens worden die zich leven na leven geestelijk verder ontwikkelt, Christus achterna, en die bij elke volgende fase tot een hoger inzicht komt. De grootsheid van dit inzicht doet hem duizelen. En meteen begrijpt hij: dat is dus de zin van al de lessen die een mens in het aardse leven krijgt voorgelegd en waarmee ieder mens op een eigen manier moet worstelen om ze te doorstaan: om daardoor te groeien in liefde, wijsheid en inzicht.

De zeven beeldenreeksen

Dan laat Christus hem beelden zien, een reeks van indringende beelden voor elk van de zeven gemeenten die Johannes aan de overkant van het water als priester en presbyteros (= oudste) mag dienen en leiden. Het zijn zulke indringende beelden, ja, zulke krachtige en archetypische oerbeelden dat Johannes hen als vanzelf tot in alle details opneemt in zijn ziel. Zeven reeksen van oerbeelden krijgt hij te zien - en het is Christus zelf die hem zegt dat elk van deze zeven reeksen bedoeld is als een boodschap voor één van de zeven gemeenten die Johannes dienen mag. Zeven gemeenten die, beginnend bij Efeze, in een kring op het vasteland aan de overkant van de zee liggen.
Maar Johannes weet - het is een inzicht dat hem regelrecht vanuit het hart van Christus toevloeit – dat deze zeven gemeenten en dus deze zevenvoudige beeldenreeks symbool staan voor zeven tijdperken en wel voor de zeven na- Atlantische cultuurperioden. Voor Johannes was dat niet moeilijk te begrijpen: Jezus Christus zelf had hem en de andere discipelen immers, toen hij nog op aarde rondwandelde, in het geheim esoterisch onderwijs gegeven.Tot dat onderwijs behoorde vanzelfsprekend ook het inzicht in de verschillende tijdperken en cultuurperioden waar de mensheid bij haar groei en ontwikkeling doorheen ging en nog doorheen zou gaan.
Zo hadden de leerlingen
inzicht gekregen in het geheim der tijden en in de zin en voortgang van de menselijke ontwikkeling op aarde. Maar nu ontvouwt de Christus dit geheim op een dieper niveau, heel indringend en op een manier die het mogelijk zou maken, dat in de verre toekomst ook mensen die niet geschoold zouden zijn in de verborgen esoterische kennis, inzicht zouden kunnen krijgen in het eigene van de tijd waarin zij zouden leven en in de opdracht die de mens dan te verwerkelijken zou hebben.

De zeven brieven

Even later keert Johannes in een oogwenk weer terug in zijn lichaam: zojuist was hij nog daar, in de geestelijke wereld, en nu bevindt hij zich plotseling weer in zijn lichaam. Vol verwondering kijkt Prochorus, zijn jonge leerling en metgezel die zijn gevangenschap met hem deelt, naar hem op: het gezicht van Johannes wordt omstraald door een warm en helder licht, zodat het in de donkere grot plotseling licht is geworden.Nog geheel in de sfeer van de beelden die hij zojuist heeft aanschouwd, begint Johannes de beeldenreeks aan Prochorus te dicteren: hij ziet de beelden opnieuw voor zich en beschrijft aan Prochorus wat hij ziet. En Prochorus, hij luistert en schrijft. 20 7_gemeenten-2_kopie.jpg
Zo ontstonden de
zeven brieven van Johannes aan de zeven gemeenten in Klein-Azië, waarmee het laatste Bijbelboek De Openbaring van Johannes begint. De eerste brief is gericht aan Efeze, de volgende zijn achtereenvolgens gericht aan de zes andere gemeenten, waar de kinderen van Johannes leven: Smyrna, Pergamum, Thyatira, Sardes, Filadelfiaen Laodicea.
Terwijl Johannes, de oude priester, de beelden beschrijft en Prochorus deze opschrijft, wordt Johannes zich bewust van de diepere betekenis van die beelden. Daarom klinkt er bij het beschrijven van de beelden een diepe bewogenheid in zijn stem door, omdat hij ziet, voelt en weet voor welke uitdagingen de mensheid nog komt te staan en hoe beslissend de keuzes zullen zijn die zij vooral in kritieke fasen van de menselijke ontwikkeling zullen moeten maken. Maar ondanks de diepe emoties die dit alles bij hem teweeg brengt, laat hij zich niet afleiden van zijn opdracht om de beeldenreeksen op schrift te stellen, zodat latere generaties daaraan steun en inzicht kunnen ontlenen bij de grote crises van hun tijd.

Het geheim van Sardes

Van deze zeven brieven – die zoals gezegd in feite de zeven na-Atlantische cultuurperioden beschrijven – is de vijfde brief, die aan Sardes, gericht aan ons.Het is namelijk deze brief die een beschrijving bevat van onze tijd, de vijfde na-Atlantische cultuurperiode. Dat is de periode die begon in 1413 na Chr. en die zal eindigen in 3573 na Chr. Voor wie deze brief in zijn oorspronkelijke vorm wil nalezen: zie De Openbaring van Johannes 3: 1 – 6.
En wat is er nu - volgens de beeldende beschrijving die Johannes ons in deze brief geeft – kenmerkend voor de periode waarin we nu leven? Laten we de verschillende aspecten die in de brief worden aangeduid door Johannes, eens op een rij mogen zetten: Het zal een tijd zijn van enerzijds de afbraak van oude patronen en levensvormen, maar anderzijds ook van opbouw van nieuwe patronen en nieuwe manieren van leven. Afbraak en opbouw lopen door elkaar heen, ook al zien de meeste mensen alleen maar dat ene: de afbraak, en hebben zij nog geen zintuig ontwikkeld voor het nieuwe dat dwars door de afbraak heen geboren wordt.

  • Het zal daarnaast een tijd zijn waarin wij zullen sterven aan ons ego en dat zal behoorlijk pijnlijk zijn, zodat de mensen zich zullen afvragen waarom dit alles hen toch overkomt. Maar juist daardoor zullen we tot de ontdekking kunnen komen dat er een hogere, een diepere kracht in ons leeft: ons hoger zelf ofwel onze innerlijke Christus.
  • Het zal een tijd zijn waarin wij geroepen worden om te werken aan onszelf, zodat we al doende het meesterschap over onze emoties en driften verwerven (in de brief gesymboliseerd door de zeven sterren als de zeven astrale krachten die een mens bij de geboorte meekrijgt).
  • De vele levenslessen die ons in deze tijd zullen worden voorgelegd, zijn bedoeld als lesmateriaal voor deze opdracht.
  • Het zal een tijd zijn waarin de oproep tot ons komt om wakker te zijn en aandachtig te leven. Daardoor zullen we gaan beseffen waarom we juist in deze tijd geconfronteerd zullen worden met zoveel afbraak, zoveel negativisme, zoveel onmacht en verlies. Dankzij dit inzicht hoeven we aan dit donker niet ten onder te gaan, maar is het mogelijk er een geestelijke winst op te behalen.
  • Het zal een tijd zijn, waarin wij geroepen worden om ons niet te laten verlammen door alles wat ons in deze tijd ontvalt aan zekerheden, maar om juist het oog gericht te houden op alles wat er in het verborgene begint te ontluiken aan nieuwe vormen en levenspatronen.

  • Het zal een tijd zijn, waarin de mensen een nieuwe aandacht zullen krijgen voor de geest die in alles leeft en beweegt: in de aarde, in de natuur, in de dieren, in onze harten en in onze omgang met elkaar.

Johannes zegt dat de verleiding in deze tijd groot zal zijn om ons blind te staren op alles wat we verliezen aan zekerheid en houvast, aan geborgenheid en aan betrouwbare liefde. Dat heeft als gevolgdat ook de verleiding groot zal zijn om onszelf in bitterheid op te sluiten of om onszelf af te sluiten en hard en ongevoelig te worden.
De brief aan Sardes – en dus de boodschap van Christus aan mensen die in deze bijzondere tijd leven - is een ernstige, maar ook een hoopvolle brief: het beschrijft het proces van sterven en opnieuw geboren worden dat de mens in deze tijd doorleven moet.

Vrij bewerkt zou je de brief met de boodschap van Christus aan de gemeente van Sardes – en dus de brief die aan ons is gericht - zo kunnen weergeven:


Schrijf dit aan de gemeente van Sardes:

Dit is de tijd – zo spreekt de Christus –
waarin allerlei oude instituties en instellingen,
en allerlei oude manieren van samenleven
in werkelijkheid al dood zijn: zonder bezieling
en zonder levenskracht. Het oude leven sterft.

Word wakker en kom tot inzicht. Maak je los
van wat eigenlijk al dood is en niet meer
inspireren kan en zet je in voor wat er in deze tijd
aan vernieuwend inzicht geboren wil worden.

Wie niet ziet, wat er werkelijk gaande is
in deze tijd, die zal op een dag ontdekken
dat al het oude houvast hem of haar ontvalt.
Die zal op die dag met lege handen staan.

Ontwaak, kom tot inzicht en word je bewust
van je ware, je goddelijke kern, je eigenlijke Ik.

Zo wordt de geest in jou geboren – en dankzij
deze geboorte kan de geest werkzaam worden
in alles wat leeft en beweegt op aarde.

Weet – zo spreekt de Christus - dat Ik het ben
die jullie door de dood van het oude heen
tot een nieuw leven zal doen opstaan.
Ik ben met jullie – in leven en in dood.

Wie deze opdracht volbrengt, zal voorgoed
met Mij verbonden zijn in alle eeuwen
en in alle tijden die komen gaan.

Wie oren heeft, die hore wat de geest jullie zeggen wil.

Het blijft indrukwekkend dat de beeldenreeks die Johannes op Patmos te zien kreeg, ons zoveel inzicht geeft in de tijd waarin we nu leven. En niet alleen inzicht in deze tijd, want de vele beelden die in De Openbaring van Johannes geschetst worden, geven ook inzicht in andere, zowel voorbije, als toekomstigetijden. Daardoor krijgt degene, die de symboliek leert verstaan van de vele beelden die Johannes ons in De Openbaring van Johannes doorgeeft, een heel andere visie op het leven: alsof je leert kijken naar de geheimen die achter het zichtbare leven te ontwaren zijn.

In dit artikel kon ik slechts een klein tipje oplichten van de sluier – maar ik hoop dat het genoeg is om te beseffen, wat voor een geschenk Johannes ons met dit boek meegaf. Een geschenk dat – zo lijkt het – pas in onze tijd tot een ware inspiratiebron begint te worden voor mensen die inzicht willen krijgen in het hoe, het waarom en de zin van ons leven op aarde.

Zonder Johannes hadden wij dit geschenk nooit kunnen ontvangen: er moest iemand zijn, sterk van geest, met een groot inzicht en met een onpeilbare liefde voor Christus die sterk genoeg zou zijn om de beeldenreeks waarmee Christus ons inzicht geeft in het geheim van de geschiedenis, naar de aarde te dragen. Iemand die in staat zou zijn die beelden in een begrijpelijke taal voor ons te beschrijven. Johannes was de mens die dat vermocht.
Wie zich dat realiseert, die begrijpt, waarom op het eiland Patmos nog altijd de heilige energieën voelbaar zijn die Johannes steeds weer na een uittreding vanuit de geopende hemel meenam naar de aarde toe.

Naar het begin van dit artikel