headerlogo2

We leven in een fascinerende tijd. Ik kan u zeggen dat ik zelf heel blij ben dat ik in deze tijd leef. Ik denk dat velen van u dat met mij zullen vinden. En dat ondanks het feit dat de onze ook een moeilijke tijd is.
Overal om ons heen zien we mensen innerlijk wakker worden, zichzelf vragen stellen, geestelijke ervaringen hebben en op zoek gaan naar antwoorden.

Dertig, veertig jaar geleden was dat nog heel anders. Ik weet nog heel goed dat je – als je spirituele belangstelling had of je met reïncarnatie bezig hield - dat maar beter voor je kon houden omdat je anders voor vreemd, zwevend of zelfs niet helemaal toerekeningsvatbaar werd gezien.
Gelukkig is dat nu anders.
Al deze ervaringen en ons zoeken naar de zin van het leven laten iets wezenlijks zien. Namelijk dat in onze tijd de geestelijke wereld opengaat en toegankelijk wordt.
Dat gebeurt van twee kanten: vanuit de geestelijke wereld naar ons mensen toe en omgekeerd vanuit ons innerlijk naar de wereld van de geest.
Engelen verschijnen: in dromen, in de halfslaap of zomaar als je in de tuin zit of in een moeilijke situatie verkeert. Dan kan het zijn dat er zomaar ineens een gestalte naast je staat die je door zijn aanwezigheid moed en kracht geeft.

Twee doelen
In de loop van de lange tijd waarin ik mij met spiritualiteit bezig houdt, is mij duidelijk geworden dat de geestelijke wereld twee verschillende doelen met ons heeft:

1. In de eerste plaats steunen en stimuleren de geestelijke wezens, de engelen, ons mensen in onze
persoonlijke en geestelijke weg op aarde. Dat wil zeggen ze willen dat wij ons persoonlijk
ontwikkelen en onze geestelijke kern, ons diepere geestelijke zelf, tot ontplooiing brengen.
Het beeld van God dat wij in ons dragen. Door dat te doen krijgen wij weer aansluiting bij de
wereld van de geest, de wereld van God. Nu van binnenuit.

2. Het tweede doel waar de engelen naar toe werken is ons mensen op aarde al medewerker te laten
worden van de geestelijke wereld. Nu wij geestelijk wakker worden wil de geestelijke wereld met
ons sámen werken aan de verdere ontwikkeling naar hogere niveaus van bewustzijn en bestaan.
Dat komt ook omdat de geestelijke wezens ons daarvoor steeds meer nodig hebben.

De engelen vinden het daarom heel belangrijk dat wij begrijpen wat hun taak ten aanzien van de mensen, de aarde en de kosmos is. Want hoe meer we begrijpen wie zij zijn en wat zij doen, hoe meer zij ons kunnen bereiken en leiden. En dus met ons op aarde kunnen s

Vóórdat ik u iets over de bodhisattvas ga vertellen die als helpers van de mensheid optreden, wil ik eerst kort iets zeggen over de engelen en de wijze waarop ze georganiseerd zijn.

De Engelenhiërarchieën
Er bestaan verschillende soorten engelen. Volgens de christelijk-esoterische traditie negen verschillende groepen. De onderste daarvan zijn de engelen. Boven de engelen staan de aartsengelen en daarboven weer de tijdgeesten of archai.
Nog daar weer boven werken nog hogere geestelijke machten die met de grote kosmische ontwikkelingen te maken hebben.
Ver boven de allerhoogste van deze goddelijk-geestelijke wezens bevindt zich de Goddelijke Drie-eenheid. De Goddelijke Drie-eenheid bestaat uit God de Vader, God de Zoon en God de Heilige Geest. De Drie-eenheid werkt door alle lagen van de geestelijke wereld en de engelenhiërarchieën heen naar de aarde en ons mensen.
De engelen, aartsengelen en archai, (dus de onderste drie groepen) zijn vooral met de menselijke ontwikkeling op aarde verbonden.
Van hen treden de engelen op als boodschappers en als beschermengelen van individuele mensen, dus van de enkeling. Ieder van ons heeft een persoonlijke engel die ons op ons levenspad en begeleidt en draagt. Ons hele leven door. En niet alleen in dit leven, maar ook in de levens die wij achter ons hebben en in de levens die nog zullen komen.

Naast de engelen die met ons persoonlijk verbonden zijn, zijn er de aartsengelen.
Zij hebben de taak niet zozeer individuen, maar gróepen mensen te leiden in hun ontwikkeling. Denk aan volken, maar ook aan groepen die met elkaar wereldwijd werken aan de redding van de aarde. Ook zij kunnen geleid worden door een aartsengel die hen inspireert en leidt en oplossingen laat vinden.

Bodhisattvas in het boeddhisme
Maar hoe zit dat nu met de bodhisattvas?
De naam ‘bodhisattva’ vinden we zowel in de oosterse spiritualiteit- met name in het boeddhisme - maar ook in de westerse esoterie zoals de theosofie en de antroposofie.
Voor het boeddhisme, waar ik eerst over zal spreken, is een bodhisattva een hoog goddelijk wezen dat op weg is naar het boeddhaschap, dat wil zeggen naar totale verlichting. Op die weg naar het boeddhaschap komt de bodhisattva voor zijn of haar (er zijn ook vrouwelijke bodhisattvas) ontwikkeling steeds opnieuw naar de aarde en verbindt zich met een mens.
Als een bodhisattva na herhaalde levens op aarde het boeddhaschap bereikt, dan betekent dat dat deze totaal verlicht is. Dat wil zeggen dat hij of zij als Boeddha een wezen geworden is in wie de geest in heel zijn volheid tot ontplooiing is gekomen. Daardoor leeft deze in een heel hoge staat van geestelijk bewustzijn en hoeft dan niet meer op aarde te incarneren en kan het nirwana binnengaan.
In het Mahayana boeddhisme gaat men er van uit dat een bodhisattva die op aarde in een menselijk lichaam leeft, geestelijk al zover ontwikkeld is dat hij of zij er niet in de eerste plaats meer voor zichzelf is, maar er vooral op gericht is ándere mensen op aarde te helpen op hun weg naar geestelijke verlichting en bevrijding. Het Mahayana boeddhisme is een belangrijke stroming in het boeddhisme waar het liefde element een belangrijke rol speelt.
Het is duidelijk dat de bodhisattvas, deze hoge geestelijke wezens van wijsheid en mededogen, hun aardse opgave alleen kunnen vervullen als zij een spiritueel hoog ontwikkeld mens kunnen vinden waar zij doorheen kunnen werken. Want alleen dan krijgen ze het lichamelijke instrument ter beschikking dat hen mogelijk maakt hun taak op aarde te vervullen.
Een voorbeeld van zo’n bodhisattva die door een mens heen werkt is voor de Tibetanen de Dalai Lama, de leider van het Tibetaans boeddhisme die in India woont. Hij wordt door de boeddhisten beschouwd als de incarnatie van de bodhisattva Chenrezig, ook wel Avalokiteshvara geheten, die de Bodhisattva van het Mededogen wordt genoemd. Omdat er zo’n hoog geestelijk wezen in hem werkt, zien de Tibetanen de Dalai Lama als een godheid en wordt hij aangesproken met ‘Zijne Heiligheid’.
Deze bodhisattva Chenrezig of Avalokiteshavara verscheen eerder al in China in een vrouwelijke incarnatie, namelijk als de godin Kuan Yin. Overal in China vind je afbeeldingen van haar. Meestal in een lang wit gewaad met een kind op de arm. Van Kuan Yin wordt verteld dat zij als bodhisattva zo ver ontwikkeld was dat zij het boeddhaschap kon bereiken en daardoor het nirwana kon binnengaan.
Zij zag daar echter van af uit bewogenheid en solidariteit met de lijdende mensen op aarde die zij wilde blijven helpen. De overleving vertelt dat zij daarover het volgende zei:

Ik bereikte verlichting maar ik ging niet over naar de eeuwige gelukzaligheid.
Mijn menselijk lichaam gaf mij dieper inzicht in de pijn die anderen lijden.
Vanwege mijn diepe gevoelens, vanwege mijn begrip voor ellende en leed,
vanwege mijn besluit, word ik de Meelevende genoemd: Kuan Yin – zij die de
huilende wereld hoort’.

 Ziet u, een hoog geestelijk wezen, een bodhisattva, komt naar de aarde, ziet mensen lijden en helpt dat lijden dragen.

Ook hier, in de oosterse traditie, komen we die dubbele opdracht weer tegen die ik eerder noemde: enerzijds jezelf geestelijk ontwikkelen, en anderzijds, direct daarmee verbonden, de wil andere mensen te helpen in hún ontwikkeling. Dat laatste kan vanuit een diepe liefde zover gaan dat de nood van andere mensen je meer ter harte gaat dan je eigen gelukzaligheid in het nirwana.
De bodhisattvas leven ons daarmee iets voor waar wij gewone mensen ook naar op weg zijn.

De bodhisattva in het esoterisch christendom
Niet alleen het boeddhisme, ook het esoterisch christendom kent, zoals ik eerder al even aangaf, het wezen bodhisattva. Die ontdekking deed ik op mijn eigen geestelijke weg. Ik ben namelijk zelf een weg gegaan die je tegenwoordig bij veel mensen tegenkomt: ik ben begonnen in in het traditionele, kerkelijke christendom, maar voelde dat de waarheid veel grootser en veel omvattender is dan daar wordt verteld.
Van daaruit ben ik op zoek gegaan. Op die zoektocht kwam ik eerst uit bij de theosofie en het boeddhisme. Daar leerde ik een tijdje en ging meer begrijpen, maar werkelijk thuis kwam ik bij Rudolf Steiner en de wijze waarop hij het esoterisch christendom verwoordt. Tot mijn verrassing kwam ik bij hem ook de bodhisattvas tegen.
Dat was voor mij een reden om uit te gaan zoeken wat het boeddhisme en het esoterisch christendom met elkaar hebben. Want dat er een verband tussen hen bestaat dat was en is mij duidelijk. Deze twee thema’s interesseren mij zozeer dat ik stilletjes begonnen ben aan het schrijven van een boek daarover.

Hoe ziet het esoterisch christendom nu de bodhisattva?
Ook in het esoterisch christendom wordt een bodhisattva gezien als een hoog geestelijk wezen. En wel als een geestelijk wezen dat afkomstig is uit de rang van de aartsengelen. Daarom bezit hij goddelijke wijsheid. Kort samengevat zou ik kunnen zeggen: Een bodhisattva is in het esoterisch christendom een aartsengel van een speciale categorie die een speciale missie heeft.

Zoals ik eerder al zei is een engel met een afzonderlijk mens verbonden en een aartsengel met grotere groepen mensen.
Een bodhisattva is echter een aartsengel die zich met één afzonderlijk mens verbindt met als doel om dóór deze mens heen grotere groepen mensen of zelfs de hele mensheid op aarde vanuit zijn hoge wijsheid te onderwijzen en te leiden.
Een bodhisattva is in de christelijke esoteriek een grote mensheidsleraar.

De bodhisattva als mensheidsleraar
Die rol van de bodhisattva als mensheidsleraar kunnen we het beste begrijpen, als we kijken naar de weg die wij mensen op aarde gaan. Als we teruggaan in de menselijke geschiedenis zien we dat er steeds nieuwe culturen ontstaan zijn, een tijd gebloeid hebben en toen weer onder zijn gegaan.
Zo hebben we in heel vroege tijden een hoogstaande Perzische cultuur gekend, een Egyptische, een Hebreeuwse – dat wil zeggen een oud joodse - een Griekse, een Romeinse etc.
Als mensen hebben we in al die oude culturen geleefd. In ieder van die culturen zijn wij geïncarneerd geweest, hebben wij geleefd en steeds ook weer iets nieuws geleerd.
In de oude Perzische cultuur bijvoorbeeld leerden wij het land bewerken.
In de Egyptische cultuur: hoe hemel en aarde met elkaar samenhangen, en hoe dat te zien is in de constellatie van de zon en de planeten.
In de Hebreeuwse tijd (de tijd van het oude testament in de bijbel) ontvingen wij de goddelijke wetten die ons vertelden hoe wij mensen ons moreel moeten gedragen.
In de Griekse tijd werd een begin gemaakt hoe we zelf zouden kunnen leren denken.
Ziet u, steeds opnieuw werden er op aarde nieuwe mogelijkheden geschapen waardoor wij konden ontwikkelen en ons nieuwe vermogens eigen maken.

Door in al die periodes steeds opnieuw te incarneren, opnieuw naar de aarde te komen, kregen wij mensen steeds iets nieuws te beleven, te ervaren, en te leren. Daardoor kon onze ziel, en geleidelijk aan ook onze persoonlijkheid, zich door al die nieuwe situaties en culturen heen, ontwikkelen tot de mens die wij nu zijn.
Die voortdurende culturele én religieuze vernieuwing (want er ontstonden ook steeds nieuwe religies, (denk aan het hindoeïsme, het jodendom en het christendom die in de loop van de tijd ontstonden), werd geleid door hoge mensheidsleraren. Mensen op aarde in wie een bodhisattva, een hoge aartsengel, werkte.

Zo kennen we uit de geschiedenis van de oude Perzische tijd de grote leider Zarathoestra, die al duizenden jaren tevoren de komst naar de aarde van de grote Zonnelogos verkondigde.

In de Egyptische tijd de grote Hermes.
In het oude jodendom Mozes die van God de wet van de tien geboden ontving.
En, en vlak vóór het begin van het christendom, Jeshua Ben Pandira, de belangrijkste leider van de Essenen.

In ieder van hen werkte een bodhisattva, een afgezant uit de goddelijke wereld, die ons vanuit hun hoge wijsheid nieuwe inzichten bracht en nieuwe vermogens leerde.

De Gautama Boeddha
Een van deze hoge bodhisattvas die volgens het esoterisch christendom heel belangrijk was voor onze menselijke ontwikkeling is – het zal u misschien verbazen dat in de context van het esoterisch christendom te horen – is de mensheidsleraar die bekend staat als de Gautama Boeddha.
Ook wel de grote Boeddha of Sakyamoeni genoemd. De Boeddha dus waar de boeddhisten zich tot op de dag van vandaag op richten.
Het esoterisch christendom vertelt dat het de opdracht van deze grote Boeddha was om 500 jaar vóórdat de hoogste Godheid, de hoge Zonnegeest die wij in het westen Christus noemen, naar de aarde kwam, de leer van mededogen en liefde naar de aarde te brengen. Waarom was dat nodig? Waarom was dat zo belangrijk?
Dat was belangrijk omdat deze leer van liefde en mededogen ons mensen in staat zou stellen zo’n gevoel voor waarachtigheid en het goede te ontwikkelen dat we daarna, eeuwen later, in staat zouden zijn de instroom van de hoge goddelijke wijsheid en liefde die de Zonnelogos, de Zonnegeest, naar de aarde bracht, in ons hart op te nemen.
Laten we eens nagaan hoe – vanuit het esoterisch christendom gezien - zo’n nieuw ideaal of vermogen als liefde en mededogen via een bodhisattva naar ons mensen werd gebracht.

De inwijding van de Boeddha
Ik zal u wat schetsen geven uit het leven van de Boeddha die dat laten zien.
De bodhisattva die later de grote Boeddha werd, verbond zich al vóór diens geboorte met Siddharta, de zoon van een vorst in India. Deze bodhisattva leidde Prins Siddharta door allerlei ingrijpende ervaringen heen. Al die ervaringen hadden met pijn en lijden te maken. Zij hadden tot gevolg dat Siddharta, toen hij 29 jaar oud was, afstand deed van alle wereldlijke zaken en een leven als een rondzwervende asceet begon. Toen hij 35 jaar oud was vond er een ingrijpende gebeurtenis plaats in zijn leven. Als Siddharta in een diepe meditatie verzonken is, grijpt de bodhisattva dieper in hem in en incarneert volledig in zijn lichaam en zijn ziel.
Door dat ingrijpen van de bodhisattva in Siddharta vond een diepe inwijding plaats. Tijdens die inwijding werden zowel de bodhisattva als Siddharta tot Boeddha, de Verlichte. Dit gebeuren, deze inwijding in het 35e levensjaar van Siddharta, wordt beschreven als ‘het zitten onder de bodhiboom’.
Tijdens deze verlichting kreeg de Gautama Boeddha, zoals Siddharta van dat moment af heette, diep inzicht in de geheimen en raadsels van het menselijk bestaan. Als gevolg daarvan ging – zoals dat wordt gezegd – in hem de leer van medelijden en liefde op. Dat wil zeggen: hij zag ineens wat de mensheid nodig had om verder te ontwikkelen in de goede richting.

Het Achtvoudig Pad
Diep bewogen door de nood van de mensen werkte hij deze leer van mededogen en liefde die hem geschonken werd uit in een ontwikkelingsweg die het Achtvoudig Pad wordt genoemd. Later ook in zijn leringen.
Het Achtvoudig Pad helpt ons op een gedisciplineerde wijze onze ziel, ons astraallichaam, te zuiveren door greep te krijgen op de chaos die in onze ziel heerst.
Belangrijk is het, aldus de Boeddha, ernaar te streven je steeds een juiste mening over de dingen te vormen. Dat wil zeggen, niet zomaar wat te oordelen of te veroordelen, maar eerst na te denken en je een juist inzicht in de dingen te vormen.
Ook is het belangrijk niet zomaar wat te zeggen, of te kletsen, maar op basis van inzicht zorgvuldig je woorden te kiezen. De juiste woorden te spreken.
En dat leidt dan weer tot de juiste handelingen, op de juiste wijze de dingen doen. Enzovoort.

Met het Achtvoudig Pad kregen wij mensen een ethiek, een geestelijke weg, in handen die ons helpt om op basis van eigen inzicht en eigen sturingskracht, moraliteit te ontwikkelen. Dat wil zeggen zelf, vanuit je eigen innerlijk, waarheid te vinden en het goede te doen.

Een nieuwe stap in de ontwikkeling
Ziet u, hoe interessant dit is! Deze door de Boeddha naar de aarde gebrachte weg bracht ons mensen dus opnieuw een stap verder in onze ontwikkeling.
Daarvóór was alle geestelijke leiding erop gericht geweest gehoorzaam de voorgeschreven wetten te leren opvolgen. Wetten als die van de tien geboden zoals ze door Mozes waren gebracht. Wetten echter die ons van buitenaf werden opgelegd.
Nu echter konden wij dankzij die nieuwe gave van de Boeddha, zélf het ware en het goede leren vinden, mits wij ons bewust zouden ontwikkelen.

Rudolf Steiner vertelde dat deze morele leer van mededogen en liefde die ons als nieuwe ontwikkelingsmogelijkheid gegeven werd, alleen in ons mensen gebracht kon worden doordat de bodhisattva voor één keer helemaal in een mens, in dit geval Siddharta, incarneerde en tot Boeddha werd. Was dat niet gebeurd, dan hadden we die gave niet ontvangen.

Samengevat
Als ik wat ik tot nu toe verteld heb even samenvat dan kunnen we zeggen dat zowel het boeddhisme als het esoterisch christendom ervan uitgaan dat een bodhisattva een hoog, haast goddelijk wezen is dat op aarde door een hoog geestelijk ontwikkeld mens heen werkt aan de vooruitgang van de mensheid.
Denk maar aan Zarathoestra en Mozes. En ook de Dalai Lama is een voorbeeld.
Dat hoge geestelijke wezen is in het esoterisch christendom een aartsengel.
In het boeddhisme dat de begrippen engelen en aartsengelen niet kent, noemt men deze goddelijke wezens goden of godinnen. Maar ze zijn in wezen dezelfde.
Beide stromingen vertellen ons dus dat wij mensen, net als in het persoonlijke leven, ook als mensheid door hoge geestelijke wezens worden geleid.

De Witte Loge
Het esoterisch christendom voegt aan dit alles nog een heel ander, een heel bijzonder aspect toe dat het boeddhisme niet kent. Ik zal u daar nu over vertellen.
Al de bodhisattvas die ons als grote mensheidsleraren leiden en die met tussenpozen naar de aarde komen om ons te onderwijzen en verder te brengen vormen met elkaar een geestelijke gemeenschap.
In de esoterie wordt deze hoge geestelijke gemeenschap ‘de Witte Loge’ genoemd. ‘Wit’ omdat van deze gemeenschap het ware en het het goede in haar hoogste vorm uitstroomt.
Waar is die Witte Loge, die geestgemeenschap, te vinden?
Stel dat wij de geestelijke kracht hadden en het hoge bewustzijn om naar hoge, heel hoge, regio’s in de geestelijke wereld op te stijgen, wat zouden wij dan zien?
Dan zouden we in die hoge, hoge gebieden een kring aantreffen die uit twaalf bodhisattvas bestaat. Onder die twaalf zouden wij de grote Zarathoestra vinden, de grote Hermes, Mozes, Jeshua Ben Pandira, de Gautama Boeddha en nog anderen.
Maar we zouden nog meer zien.
Midden in die kring van twaalf, in die Witte Loge, zouden we een dertiende wezen aantreffen. Een wezen waarvan wijsheid en liefde uitgaat. Ja, die wijsheid en liefde is.
Een wezen dus van een heel andere aard en kwaliteit dan de 12 hoge bodhisattvas om hem heen.
We kunnen deze kring van 12 bodhisattvas en de dertiende in het midden vergelijken met de zon die zijn licht en warmte uitstraalt naar de omgeving, naar de aarde, en deze licht, warmte en leven geeft.
Neem je de zon weg, dan zou alles verdwijnen, want dan is er geen leven meer mogelijk.

De oerbron van al het leven
Op een dezelfde wijze is deze dertiende te midden van de twaalf bodhisattvas de oerbron waar al het leven op aarde en in de kosmos van uitgaat.
Wijsheid en liefde stromen als levende substantie van hem uit. In zijn zaligheid leven de bodhisattvas en naar zijn heerlijkheid blikken zij op. Zijn openbaring nemen zij in zich op en schouwen wat volgende stappen in de menselijke ontwikkeling moeten zijn.
Dat wat zij zo uit deze oerbron opnemen, transformeren zij naar wijsheid, kennis, nieuwe impulsen en inzichten. Die brengen zij dan op verschillende manieren naar de aarde en de mensen.
Deze dertiende is dus de grote inspirator en de hoge leider van de Witte Loge van de bodhisattvas.
Het is vanuit zijn wezen, dat de bodhisattvas ons mensen onderwijzen en leiden.

Wie is deze dertiende?
Deze dertiende is dezelfde hoge Godheid die Zarathoestra in het oude Perzië Ahoera Mazdao noemde, de grote Zonnelogos of de hoge Zonnegeest.
Hij is dezelfde Godheid die in alle oude godsdiensten met de Zon werd geassocieerd en ‘de komende’ werd genoemd die al het leven op aarde zou vernieuwen.
De dertiende is dezelfde Godheid die 2000 jaar geleden in het oude Israël naar de aarde kwam, mens werd in Jezus van Nazareth, door dood en opstanding heenging en zich zo met alle mensen op aarde verbond.
Deze dertiende is degene die in het Christendom de naam Christus kreeg.
Sinds zijn kruisdood op Golgotha en zijn overwinning van de dood is hij ten diepste met ons mensen en onze ontwikkeling verbonden.
Zijn verbinding met ons mensen kent twee verschillende aspecten.

Aan de ene kant is hij de goddelijke kracht die sinds Golgotha in het innerlijk van alle mensen op aarde leeft. Anderzijds is hij kosmisch gezien de hoogste geestelijke leider van alles wat er in de hemel, op aarde en in de mensheid gebeurt en zich ontwikkelt.Die tweeheid drukt zich uit in de woorden die Christus in het Mattheus evangelie van de bijbel spreekt: ‘Mij is gegeven alle macht in de hemel en op aarde’.

Ook in onze tijd komen uit die hoge Witte Loge, bodhisattvas in opdracht van de dertiende naar de aarde. Op aarde werken zij door mensen mensen heen.Meestal zijn die mensen ingewijden. Soms werken ingewijde en bodhisattva in de openbaarheid, vaak blijven ze verborgen.Wat zij doen is mensen nieuwe inzichten brengen, nieuwe vermogens, nieuwe geestelijke impulsen die ertoe leiden dat onze ontwikkeling naar hogere niveaus van bewustzijn en bestaan verder gaan.

Nieuwe impulsen in de samenleving
In onze tijd is de werkzaamheid van de bodhisattvas duidelijk te herkennen aan nieuwe impulsen in de samenleving zoals het hele proces van individualisering waarin we ons bevinden, maar ook het geestelijk wakker worden van ons mensen.
We kunnen hun invloed ook vinden in het feit dat wij ons bewust worden van de toestand waarin de aarde verkeert, en het besef dat wij als mensheid één geheel vormen en ten diepste met elkaar verbonden zijn. Om maar een paar voorbeelden te noemen.
We kunnen die werkzaamheid van de bodhisattvas en de Witte Loge ook herkennen aan het optreden van bijzondere mensen in de samenleving en in de wereld. Denk maar aan een Obama door wie duidelijk een hogere, inspirerende kracht werkt. Zo kunnen we – als we er op letten - aan heel veel verschijnselen zien dat er leidende krachten werken die ons verder brengen.

Bodhisattvas in de toekomst: de Maitreya Boeddha
Ook in de toekomst zullen er mensheidsleraren, bodhisattvas, op aarde verschijnen die ons niet alleen nieuwe inzichten brengen en nieuwe vermogens leren, maar die ons ook steeds iets meer van het werkelijke wezen van de hoge Zonnelogos, Christus, zullen openbaren.
Een van hen zal de Maitreya bodhisattva zijn die over 2500 jaar op aarde tot de Maitreya boeddha wordt.
Benjamin Creme, een schotse esotericus die overal lezingen houdt, vertelt dat de Maitreya nu, in onze tijd al op aarde verschenen is en in Londen in een Pakistaanse gemeenschap leeft.
Voor het hindoeïsme, het boeddhisme en het esoterisch christendom geldt echter al duizenden jaren de voorspelling dat de Maitreya, de opvolger van de grote Boeddha, 5000 jaar na de Boeddha op aarde zal verschijnen en dan op een heel vernieuwende wijze zal werken. Dat is 2500 jaar van nu. In die voorspelling stemmen alle drie de geestelijke stromingen met elkaar overeen.
De Maitreya Boeddha zal hoge goddelijke liefde uitdragen via het woord. Daarmee zal hij de stem zijn van de goddelijke liefde zelf, de hoge Zonnegeest Christus.
In hem zullen het boeddhisme en het (esoterisch) christendom op een heel nieuwe wijze samenkomen.

Wat kunnen we nu uit al deze inzichten meenemen ?
Ik denk het besef, en het daarbij horende vertrouwen, dat we er als mensen niet alleen voor staan maar dat we door ongelooflijk hoge en krachtige goddelijke wezens worden geleid op de weg die wij mensen moeten gaan.
Een weg die bekend is, en die er toe leiden zal dat we ooit, als onze taak op aarde is afgelopen, op een nieuwe wijze weer vereend zullen worden met de goddelijke wereld. Al het werk van de Witte Loge is daarop gericht.

Tot slot wil ik u nog iets interessants laten zien.

Die geheimzinnige Witte Loge waar ik over sprak, kunnen we, ik zou haast zeggen ‘gewoon’ afgebeeld zien in de oude, middeleeuwse kathedralen.
In die tijd waren er nog glazeniers, ingewijden, ‘wier oren konden horen en wier ogen konden zien’ wat als basis aan onze wereld ten grondslag ligt.
In onderstaande afbeelding van het westelijk roosvenster in de kathedraal van Chartres in Frankrijk ziet u de hoge Zonnelogos, Christus, in het centrum en - direct om hem heen - in de kleinste kring de 12 bodhisattvas. Van daaruit werkt de kracht van de dertiende door naar volgende kringen van twaalf en zo uiteindelijk naar ons mensen.
De wijsheid en kennis die dit roosvenster laat zien moeten wij mensen ons in deze tijd opnieuw eigen maken en uitdragen in de wereld. Ik hoop dat ik daaraan een kleine bijdrage heb mogen leveren.

Lezing gehoudenop het symposium van de Stichting de Heraut op 20 september 2009

Naar het begin van dit artikel